thermische weerstand

Met thermische weerstand, ook wel warmteweerstand genoemd, wordt het vermogen van een materiaal de thermische overbrenging (de warmte of koude) tegen te houden bedoeld. Nagenoeg alle materialen en stoffen hebben de eigenschap om warmte te geleiden. Wanneer een materiaal warmte of koude gemakkelijk geleidt, zoals een metaal, wordt gezegd dat het materiaal een lage thermische weerstand heeft. Slechte warmtegeleiders, zoals lucht en glas, hebben juist een hoge thermische weerstand.

Materialen met een hoge thermische weerstand zijn bij uitstek geschikt om huizen te isoleren. Door de hoge thermische weerstand wordt de temperatuur van buiten namelijk niet gemakkelijk overgedragen naar de binnenkant van het huis.

Er zijn meerdere manieren om de thermische weerstand aan te duiden. Zo zegt het K-peil iets over het isolatiepeil van een woning. Dit zegt iets over de globale isolerende eigenschappen van het huis.

De U-waarde van een constructiedeel (zoals een muur of dak) geeft aan hoeveel warmte er per seconde per m2 verloren gaat wanneer het temperatuurverschil tussen binnens- en buitenshuis 1 graden Celsius is. De U is het symbool van de warmtedoorgangscoëfficiënt.

De Lamba-waarde is de isolerende waarde van een materiaal. Het zegt iets over de warmtegeleidbaarheid van een materiaal. Hoe hoger de lamba-waarde, hoe beter het materiaal de warmte geleid en daarmee dus hoe minder het materiaal isoleert.

De R-waarde zegt iets over het warmte-isolerend vermogen van een materiaallaag aan. De R-waarde wordt vaak genoemd in combinatie met de isolerende waarde van vloeren, muren en dubbelglas. Met de R-waarde wordt de warmteweerstand van een materiaallaag aangeduid.